Variaties 1

Hij ligt beschadigd,
licht beschadigd,
in het arsenaal.

Hij ligt, beschadigt
het omliggende materiaal,
beschadigt het andermaal.

Hij licht op, ligt af,
wordt afgelegd,
krijgt uitgesproken aangezegd.

Zo gezegd.

Verwachtingen zijn nu
eenmaal niet te temmen.

 

© Danny Habets, augustus/september 2018

Sollicitatie

Ik ben zó geschikt
Voor jou dat je ervan schrikt.

En jij past ook bij mij,
Zelfs van opzij.

Ik help je graag verder
In het bederven

Van de jeugd
Die vreugdeloos de deugd

Beoefent, alsof het niks is. Geen beker
Is zó lang giftig dat hij breekt.

 

© Danny Habets, augustus 2018

Vrijdag ~ Niemandsland

De morgen duurt. Nog onwennig.
Figuurlijke tijd, zonder complement –

Het bed blijft
Warm omdat men spijbelt.
Oneigenlijk in feite

Ben ik thuis
Een hele
Dag aan het verspelen.

Dan verschuift geruisloos
De blokkendoos.

Zondagavond
Stapelen de geleende uren
Zich tot een muurvaste week.

 

© Danny Habets, juni 2018

 

De dans

Ontsprongen het gezochte
het gevonden ongenoeg
en onvoldoende

achter een uur nog een uur

ik speel mooi weer
en ben daar nog lang niet
klaar mee

nog lange niet

we gaan nog niet
waar het klokje tikt
zoals

het wegtikt
Je helemaal – & zo

 

© Danny Habets, mei 2018

Ochtendmens

Wij worden opgeslokt door alledaagsheid,
Maar wat is ons alternatief? Doodgeschoten
Te worden in de linies van verhulde en onvervulde spijt?
Een eenzaam avontuur tussen de vele idioten?

Dat een rups een vlinder wordt,
Maar dat een dikke pad zich ontpopt
Tot een pijlsnelle panter,
Een gespierde pijlstaartrog!

Hoe lyrisch kan men worden als subject,
Hoe abject is zijn killer trots?
Ik wil niet meer dan bestaan.

Dat is: in de ochtend verheven wakker
Worden en geen keuze hebben
Dan lyrisch te zijn en zingend op te staan. 

 

© Danny Habets, mei 2018 

Gezocht: jarenlange ervaring

Zie je ze, de ingebeelde
eenhoorns? Zie je ze?
Je moet toch iets zien?

Hoor je het, de nachtmuziek,
zacht en klein en golvend? Hoor je haar?
Je kunt niet niets horen!

Proef je dan, de zuurgraad
op je tong? Wat proef je?
(Men kan alles wel beproeven.)

Voel je het, dat lijfelijke lichaam,
dat bedoeld is om te tasten? Voel je?
Hoe vaak word je gevoeld?

Ik bouw, al was het maar een tent.
Ook een begoocheling is immanent.

 

© Danny Habets, maart 2018.  
(Uit: Maurice leest in Edmunds sprookjesboek)

Schoolzwemmen

Hier beneden is het stil.
Een school die zwemmen wil.

Hier op de bodem van de zee
spartelen de vissen – geen twee

gelijk aan elkaar. Het is zaak
dat de diepte kant noch wal raakt.

Want ‘alles’ wil wat zeggen. 

Stil maar, je honger, zwijg maar.
Of je er bent of niet, en waar.

Misschien zwijg je wel bewust.
Misschien omdat je op de bodem rust –  

 

© Danny Habets, maart 2018. 
(Uit: Maurice leest in Edmunds sprookjesboek)

Inktzwarte trefwoorden

Soms mis ik de stellige onzekerheden
Die zo aan het leven kleven.

Soms ook mis ik het dode
Materiaal dat zich node-

Loos hecht aan het geruststellend witte
Papier waarop in den beginne geen vlekken zitten.

Maar andere keren wil ik er meer
Van leren, de Rorschach-uitslag weten

Hoe treffend woorden omzeilen
Wat in inkt is te peilen.

Men verstrikt maar vervlindert.
Men mist de mist, het wit. 

 

Kerstavond

De gelukkige tafel
Waaraan men zit
De schuldige stoel
Waarop

De vrolijke Frans
Waarvan men zich bedient
Het organische vlees
Dat men lispelt

De onverschillige lever
Die men betast en beproeft

De sneeuw die men zoekt
In het gelaat, de gloed

Nieuwe tafel waaraan men
zich vergist stilzwijgend gelukkig

 

De trossen los

Ook als je mij even niet begrijpt,
Ook als je even niet een oogje dichtknijpt.

Je zult dan, als een achterwaarts rijdend vehikel,
Demonstratief een potje lopen piepen.

Vlinderdassen hinderen niet, hoge hoeden
daarentegen voeden een bang vermoeden.

Uren liggen stil, terwijl minuten wegtikken.
Je zoekt, je vindt, je zoekt, je vindt, zoekt én vindt.

De trossen los, men klokt zijn vlotheid
En vaart onvervaard vóór de eigen tijd.

Danny Habets, april 2017

Feesten & partijen

De zure mandarijn is net een ijskonijn,
men bijt zijn tanden stuk op spijt.

Wat vindt de man in de straat ervan,
als hij stug wandelt in onhandigheid?

Wie liet zich zien, wie niet
op het feestje, verliet voortijdig

en met veel kabaal de feestzaal,
haalde herinneringen op aan haat-

zaaien en warme vijandschap?
Ook lust men wel pap van

de onvermijdelijke dijenkletsers,
de dronken ooms en de gewone

boze woorden, waarvan de fletse
echo’s nog uren blijven nahijgen,

hand- en-spandiensten verrichtend
voor de onvermijdelijke lynchpartij.

© Danny Habets, maart 2017

Plantaardig natuurlijk

Laten we het eens hebben
Over het mes in Caesar’s rug
Gepland en geplant,
Of was het zijn edele inborst
Die weglekte, waar het schrijnde?

Laten we het eens hebben
Over stoelpoten, die uit zichzelf
Lijken te verdwijnen
Onder het al te comfortabele zitvlak.

Laten we het ook hebben
Over de groene weide
Waarin wij met elkaar spelen,
Onbevreesd.

 

[Februari 2017]

Alle zinnen zijn onaf

Je zou je het liefste vervelen,
Vermenigvuldigen, staarten delen,
Breuken forceren, machten verheffen,
Trappen van vergelijkingen overtreffen.

Was je een boek, ik zou in je bladeren,
Maar of ik je daarmee nader zou naderen?
Woorden kunnen zo veel betekenen.
Zo te zien kan men nergens op rekenen.