Als de menselijke stem wordt gebruikt als een van de instrumenten i.p.v. “slechts” het zingen van een tekst, dan ontstaat er soms heel fascinerende muziek. Zo wordt in Daphnis et Chloé van Maurice Ravel (1875-1937) geen enkele tekst gezongen, maar “zingt” het vocale mee in het orkest van de overige instrumenten, met een uiterst dramatisch effect. Het is schilderen met tonen, het resultaat is verbeelding in muzikaliteit, in klank en ritme – je zou er haast een chronische synesthesie aan overhouden. Paradoxaal genoeg kun je het beste je ogen dicht houden en geconcentreerd alleen luisteren om een zo optimaal mogelijk beeld te krijgen. (Luister hieronder vooral ook het stukje van 6:30 tot 7:00).

Een van de componisten die mogelijk nog verder hierin gaat, is György Ligeti (1923-2006) en daarvoor maken we (synesthesie wederom?) een uitstapje naar de film 2001: A Space Odyssey. Persoonlijk vind ik dit nog steeds een bijzondere en in de diepste zin een kunstzinnige film zowel in aanpak als effect. Wie de film gezien heeft, herinnert zich vanzelfsprekend het bekende thema uit Also sprach Zarathustra, de muzikale verbeelding van Nietzsches gelijknamige boek door Richard Strauss. Dit stuk, of eigenlijk vooral het begin ervan (zie hier in de context van de film), is vervolgens zó beroemd geworden, ook door adoptie ervan in de populaire muziek (Elvis Presley o.a. gebruikte het in zijn laatste jaren als openingsthema van veel van zijn shows), dat het stuk eerder bekend is onder de genoemde filmtitel dan onder de originele titel. Zoals dat gaat met successen…

De hele film 2001: A Space Odyssey lijkt als het ware gebouwd op de muziek. Er wordt nauwelijks gesproken, je hoort vooral muziek (tot en met de vrolijke walsmuziek van die heel andere Strauss: Johann – zie daarvoor dit filmpje).

Een van de andere gebruikte, opvallende muziekstukken is Lux aeterna (“het eeuwige licht”) van Ligeti. Dit is een op het eerste gehoor bizar stuk muziek, dat op de een of andere manier tegelijk afstandelijk is maar toch de snaren van je ziel raakt. Zelfs zodanig dat sommigen het niet kunnen aanhoren – ik ken iemand die het “niet trekt” en voor wie ik deze muziek meteen moet afzetten, omdat ze er akelig van wordt. Het is natuurlijk niet mijn bedoeling om mijn bezoek de stuipen op het lijf te jagen, maar ik kan er niet omheen dat ik het een fascinerend en mooi stuk muziek vind, zonder dat ik precies kan aangeven waar hem dat in zit.

http://www.youtube.com/watch?v=KXuYPp8m3J4

Is het die combinatie van abstractie en tegelijk een uiterste gevoeligheid, die verstilling die tegelijk emotie is? Is het dat intense stemgebruik dat geen “tekst” in de dagelijkse betekenis van het woord voortbrengt? Of die wisseling in beurtelings lage en hoge tonen? Die vragen kwamen voor de zoveelste keer naar boven toen ik zojuist van Ligeti ook het Requiem beluisterde. Het aardige van dat stuk is, dat het wel een tekst als uitgangspunt heeft, namelijk een deel van de (Latijnse) tekst van de traditionele dodenmis, maar dat dat tegelijk van ondergeschikt belang lijkt: de tekst wordt nauwelijks verstaanbaar uitgesproken, de muziek zingt zich los in weer die abstracte stemmingen. Je vindt in dit requiem ook niet de gebruikelijke en voor het  gemoed toch wel wenselijke afwisseling van beurtelings verdriet, verschrikking en troost, zoals bij veel andere vertolkingen (van Mozart tot Verdi etc.). Nee, hier vind je alleen maar een soort eeuwigdurende verstilde, gruwelijke eenzaamheid, een ziel die zich met de nieuwe situatie geen raad lijkt te weten, doelloos zwevende tussen de andere schimmen. Ik interpreteer er maar even op los, maar luister zelf:

Na de donkere begintonen van een zo mogelijk nog donkerder beginzang volgt geen opgewekt of althans uitbundig kyrie. De muziek zwelt geleidelijk aan, steeds verder die onbestemde wereld in die voor je geestesoog wordt opgeroepen. Rond de 9e minuut lijkt het even ondraaglijk te worden, maar vlak erna wordt de werveling even kalmer, totdat na de 11e minuut weer meer dynamiek ontstaat. Het is de troost der verschrikking. Zelden heb ik een dwingender bezwering van de dood gehoord.

 

P.S.: Ik zou nog wel eens een goed boek willen lezen waarin een geschiedenis van (alleen maar) requiemmuziek wordt behandeld, van eerste aanzetten, via de Gregoriaanse varianten, barok, klassiek en romantiek tot en met de 20e/21e eeuw, inclusief eventuele “populaire” vertolkingen en verwerkingen. Zonder een al te muziektechnisch vocabulaire. Zoiets moet toch bestaan?